Blusgasinstallatie

Een blusgasinstallatie heeft in beginsel hetzelfde doel als een sprinklerinstallatie: het controleren/beheersen van een brand. Het verschil is dat een blusgasinstallatie geen water gebruikt, maar andere blusmiddelen, waardoor deze geschikt is voor toepassingen waar water schade kan veroorzaken, zoals bij gevoelige apparatuur of in serverruimtes.   

Hoewel de wet geen verplichting oplegt voor het plaatsen van een automatische blusgasinstallatie, kan deze wel worden toegepast op basis van gelijkwaardigheid overeenkomstig artikel 4.7 Omgevingswet. 

Werking van de installatie 

Een automatische blusgasinstallatie is ontworpen om een beginnende brand snel te bestrijden door blusgas in de ruimte of op het object (zoals een kast) los te laten. Het blusgas verlaagt het zuurstofniveau in de lucht, waardoor de brand dooft (door een zijde van de brandvijfhoek te elimineren). Daarnaast zijn er blusgassen die als negatieve katalysator werken in het verbrandingsproces. Een katalysator beïnvloedt een chemische reactie zonder er zelf aan deel te nemen. 

De installatie bestaat uit een blussysteem, inclusief cilinders met blusgas, en een brandmeldsysteem. Zodra rook wordt gedetecteerd, activeert het brandmeldsysteem de blusinstallatie. Voor de blussing krijgen aanwezigen een waarschuwing via optische en akoestische signalen, zodat zij de ruimte kunnen verlaten.