Test uw kennis
Moet de onderste 2,5 meter van een te verbouwen gevel voldoen aan brandklasse B?
A) Ja
B) Nee
Risico op brand van buitenaf
Er bestaat een reëel risico dat een bouwwerk wordt blootgesteld aan brand als gevolg van brandstichting in de directe nabijheid van dat bouwwerk. Om te waarborgen dat het buitenoppervlak van een voor personen bestemd bouwwerk zoals de gevel of een andere uitwendige scheidingsconstructie van bijvoorbeeld een woongebouw, in een bepaalde situatie voldoende weerstand biedt tegen het ontbranden door externe vlammen, bevat het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) een specifiek middelvoorschrfit (artikel 4.44 lid 3 Bbl) vanuit de nieuwbouweisen.
Eis aan de onderste 2,5 meter van de gevel
De bepaling schrijft voor dat het buitenoppervlak van een specifiek bouwwerk tot een hoogte van 2,5 meter boven het aansluitende terrein moet voldoen aan brandklasse B (bij de aanwezigheid van een verblijfsvloer > 5 meter boven het meetniveau). Deze eis vormt een minimumniveau van brandveiligheid dat noodzakelijk wordt geacht vanwege het verhoogde risico op brandoverslag en vlamvatting in de onderste zone van de gevel, waar brandstichting of brandbelasting van buitenaf het meest waarschijnlijk is.
Afwijking bij verbouw (artikel 5.12 Bbl)
Bij een te verbouwen gevel geldt artikel 5.12 Bbl. Dit artikel vormt een uitzondering op de hoofdregel (artikel 5.4 Bbl), waarin is bepaald dat bij verbouw in beginsel moet worden uitgegaan van het rechtens verkregen niveau. In afwijking van deze hoofdregel schrijft het onderhavige artikel voor dat in specifieke gevallen niet het rechtens verkregen niveau, maar het in artikel 4.44 lid 3 Bbl voorgeschreven niveau van toepassing is.
Nieuwbouwniveau bij verbouw
Met andere woorden: bij een te verbouwen gevel wordt het nieuwbouwniveau van brandklasse B dwingend voorgeschreven, ongeacht het aanwezige rechtens verkregen niveau. De wetgever acht in deze situatie het risico op brandoverslag en branduitbreiding via de gevel dermate relevant dat het minder strenge verbouwniveau niet toereikend wordt geacht.
Antwoord op de vraag
Het juiste antwoord is dus: A) Ja ✅


