Vluchtrouteaanduiding en noodverlichting in woongebouwen – tussen regelgeving en realiteit

Nick Warnshuis

02/10/2025

In veel woongebouwen zijn de gemeenschappelijke verkeersruimten uitgerust met noodverlichting en (verlichte) vluchtrouteaanduiding. Deze voorzieningen lijken vanzelfsprekend: ze zouden immers bijdragen aan de vluchtveiligheid bij stroomuitval tijdens een calamiteit.

Maar hoe vanzelfsprekend zijn ze eigenlijk en wat voegen ze toe aan de veiligheid? Zijn deze voorzieningen wettelijk verplicht in woongebouwen? En zo ja, onder welke voorwaarden?

Onze ervaring, mede gebaseerd op praktijksituaties, is dat deze vragen verrassend vaak voor gebouweigenaren onbeantwoord blijven. Sterker nog: veel gebouweigenaren gaan ervan uit dat noodverlichting en vluchtrouteaanduiding altijd verplicht zijn. In deze kennispublicatie duiken we in de regelgeving rondom deze voorzieningen in woongebouwen. We geven inzicht in wat écht verplicht is, wat vaak ten onrechte als verplicht wordt gezien en hoe je als eigenaar of beheerder bewuste keuzes kunt maken op basis van een volledige en vooral juiste weergave van eisen.

Juridisch kader

Noodverlichting

Vanuit de bouwregelgeving wordt aangegeven in welke situaties de aanwezigheid van noodverlichting en vluchtrouteaanduiding vereist is.

De basisregel is dat noodverlichting verplicht is in:

  • ruimten bestemd voor > 75 personen en vluchtroutes[1] vanuit deze ruimten;
  • vluchtroutes met een beschermde status; en
  • onder meetniveau gelegen functieruimten.

[1] Vanuit de ‘bestaande bouw’ regelgeving geldt dit enkel voor besloten vluchtroutes;

Wettelijk verplichte noodverlichting moet voldoen aan een drietal middelvoorschriften:

  • Binnen 15 seconden na het uitvallen van stroomvoorziening geactiveerd;
  • Minimaal 1 Lux op vloer en het tredvlak;
  • Gedurende 60 minuten functioneel.

Vluchtrouteaanduiding

Vluchtrouteaanduiding is vanuit de bouwregelgeving in beginsel vereist in ruimten waardoor een verkeersroute voert en in ruimten bestemd voor > 50 personen (zie hiervoor artikel 3.120 en 4.215 Bbl).

Het verlicht uitvoeren van de vluchtrouteaanduiding is in beginsel enkel vereist in ruimten welke moeten zijn voorzien van noodverlichting. Vanuit het Bbl worden voor bestaande bouw en nieuwbouw verschillende pictogram-normen aangestuurd:

  • NEN 6088 voor bestaande bouw;
  • NEN 3011 voor nieuwbouw.

Beide normen zijn momenteel van kracht vanuit de Omgevingsregeling.

Arbowetgeving

Noodverlichting en vluchtrouteaanduiding kunnen voortvloeien vanuit de Arbeidsomstandighedenwet en -regelgeving. De Arbowet betreft een zogenoemde kaderwet, wat betekent dat zij algemene verplichtingen formuleren, zonder gedetailleerde technische voorschriften. In het Arbobesluit wordt bijvoorbeeld gesproken over noodverlichting, maar de beoordeling volgt vanuit de eigenaar en/of gebruiker.

Noodverlichting en/of vluchtrouteaanduiding vloeien in veel gevallen voort vanuit een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Het plaatsen van bijvoorbeeld noodverlichting kan bijvoorbeeld leiden tot een acceptabel (rest)risico, dit dient te worden verwoord in een plan van aanpak.

Binnen de Arbowet staat de relatie tussen werkgeven en werknemer centraal. Dit betekent dat de verplichtingen uit deze wet primair gelden voor situaties waarin arbeid wordt verricht – en doorgaans niet relevant zijn voor woongebouwen.

Noodverlichting en vluchtrouteaanduiding in woongebouwen

Op basis van de genoemde artikelen uit het Bbl kan worden vastgesteld dat noodverlichting en vluchtrouteaanduiding niet wettelijk vereist zijn voor woonfuncties, inclusief woonfuncties voor zorg. De wetgever onderbouwt dit met de veronderstelling dat bewoners bekend zijn met de vluchtroutes in hun eigen woonomgeving.

In woongebouwen met meerdere typen gebruiksfuncties kan de aanwezigheid van deze voorzieningen wél verplicht zijn. In gemeenschappelijke ruimten zoals verkeersruimten kan noodverlichting en vluchtrouteaanduiding worden vereist, mits deze ruimten behoren tot een gebruiksfunctie waarvoor de verplichting vanuit het Bbl geldt. Zie voor een uitwerking van de toepassing van artikelen op gemeenschappelijke ruimten artikel 2.7 van het Bbl.

Conclusie

Op basis van bovenstaande uiteenzetting kan worden geconcludeerd dat de aanwezigheid van noodverlichting en vluchtrouteaanduiding in woongebouwen in veel gevallen bovenwettelijk is. De bouwregelgeving stelt deze voorzieningen niet verplicht voor woonfuncties, omdat ervan wordt uitgegaan dat bewoners bekend zijn met de ontvluchtingsmogelijkheden in hun eigen woonomgeving.

Indien dergelijke voorzieningen toch aanwezig zijn en behouden blijven, dienen ze in het kader van de zorgplicht adequaat te worden onderhouden. Slecht functionerende of niet onderhouden voorzieningen kunnen immers leiden tot onveilige situaties.

Brafon wil kennis delen zodat gebouweigenaren en beheerders bewuste keuzes kunnen maken: om voorzieningen al dan niet bovenwettelijk toe te passen of te handhaven op basis van eigen beleid en een gekwalificeerde risicobeoordeling.

Het is van groot belang dat gebouweneigenaren en beheerders zich hiervan bewust zijn — en niet handelen vanuit de onjuiste veronderstelling dat deze voorzieningen standaard wettelijk vereist zijn. In de praktijk zien we dat onwetendheid hierover regelmatig leidt tot het aanbrengen of behouden van voorzieningen met aanzienlijke financiële impact als gevolg. Bij een volledig beeld van wettelijke verplichtingen zouden mogelijk andere keuzes gemaakt worden.

De keuze om bovenwettelijke voorzieningen toe te passen of in stand te houden moet dan ook altijd liggen bij de gebouweigenaar zelf. Op basis van beleid of een eigen risicobeoordeling en -kwalificatie kan worden bepaald of deze voorzieningen gewenst en noodzakelijk zijn binnen het specifieke gebouw. Deze afweging verdient zorgvuldigheid, onjuiste aannames of druk van derden vormen geen basis voor juiste keuzes.

Meer weten over brandveiligheid en rookwerendheid?

Om een volledig inzicht te krijgen in de geldende brandveiligheidsvoorschriften vanuit het Bbl wordt vanuit onze zusterorganisatie Obex Opleidingen de opleidingen ‘Brandpreventiedeskundige 1’ en ‘Noodverlichtingsdeskundige’ aangeboden.

  • De opleiding ‘Brandpreventiedeskundige 1’ geeft een volledig en integraal beeld van brandveiligheid. Hiermee ligt de nadruk op het toetsen van brandveiligheid op juridisch, bouwkundig, installatietechnisch en organisatorisch gebied.
  • De opleiding ‘Noodverlichtingsdeskundige’ is dé opleiding voor iedereen die alles wil leren over noodverlichting en vluchtrouteaanduiding en de bijbehorende wet- en regelgeving, maar ook het projecteren van deze voorzieningen komt aan bod. Wanneer is noodverlichting en vluchtrouteaanduiding vereist, hoe moet deze geprojecteerd worden en aan welke eisen en welke normen moet gedacht worden bij de aanleg?

Wilt u meer weten over dit onderwerp?

Heeft u vragen of wilt u sparren over uw situatie? Neem gerust contact op. We denken graag mee.

Obex Opleidingen

Verdiep uw kennis en pas het direct toe in de praktijk. Bekijk het opleidingsaanbod en kies een opleiding die bij u past.

Groeien in brandveiligheid en BHV bij Obex

Brafon Advies

Hulp nodig bij beoordeling, aanpak of onderbouwing in jouw gebouw/project? Plan een vrijblijvend adviesgesprek.

Brandveiligheid adviseur Brafon 

Blijf op de hoogte

Ontvang updates over brandveiligheid, BHV en de nieuwe kennispublicaties in uw inbox.

Door u in te schrijven gaat u akkoord met onze privacyverklaring.

Deel deze post op: