RI&E staat voor Risico-Inventarisatie en Evaluatie. Dit is een verplicht instrument waarmee werkgevers de veiligheids- en gezondheidsrisico’s binnen hun bedrijf in kaart brengen. Op basis van deze inventarisatie worden maatregelen genomen om risico’s te beheersen en arbeidsongevallen te voorkomen.
Elk bedrijf met medewerkers is verplicht een RI&E uit te voeren en deze actueel te houden. Dit staat beschreven in de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet).
Wat staat er in een RI&E?
Een RI&E bevat de volgende onderdelen:
- Inventarisatie van risico’s: Een overzicht van alle mogelijke gevaren binnen de werkomgeving, zoals fysieke belasting, blootstelling aan gevaarlijke stoffen, psychosociale belasting en machineveiligheid.
- Evaluatie van de risico’s: De ernst en de kans van de ongewenste gebeurtenissen worden beoordeeld (inschatting risico’s) om te bepalen welke gevaren de grootste impact hebben.
- Plan van Aanpak (PVA): Een overzicht van de maatregelen die de werkgever gaat nemen om de risico’s te verkleinen. Dit plan bevat ook een tijdspad en verantwoordelijke personen.
- Analyse van eerdere incidenten: Werkgevers moeten arbeidsongevallen en bijna-ongevallen registreren en analyseren om herhaling te voorkomen.
- Afstemming op de bedrijfshulpverlening (BHV): De RI&E vormt de basis voor het BHV-plan, waarin staat hoe eerste hulp, evacuatie en brandbestrijding worden georganiseerd.
Verplichtingen voor werkgevers
- Werkgevers moeten een RI&E uitvoeren zodra zij personeel in dienst hebben.
- Voor bedrijven met meer dan 25 medewerkers geldt dat de RI&E getoetst moet worden door een gecertificeerde arbodeskundige.
- Kleinere bedrijven mogen gebruik maken van een goedgekeurde branche-RI&E en hoeven deze niet apart te laten toetsen.
- De RI&E moet actueel gehouden worden en aangepast worden bij wijzigingen in de werkprocessen, het gebruik van het gebouw of na een incident.
De relatie tussen RI&E en bedrijfshulpverlening (BHV)
De risico’s die uit de RI&E naar voren komen, bepalen de inrichting van de bedrijfshulpverlening (BHV). Op basis hiervan wordt vastgesteld:
- Hoeveel BHV’ers nodig zijn en welke opleidingen zij moeten volgen.
- Welke noodprocedures van kracht zijn, zoals evacuatieplannen en brandbestrijdingsmaatregelen.
- Hoe de samenwerking met externe hulpdiensten, zoals de brandweer en ambulance, wordt georganiseerd.
De Arbowet schrijft voor dat bedrijfshulpverlening minimaal de volgende taken omvat:
- Verlenen van eerste hulp bij ongevallen.
- Beperken en bestrijden van brand en het voorkomen van ongevallen.
- Evacueren en alarmeren van personen bij noodsituaties.
Samenwerken met hulpverleningsinstanties zoals de brandweer.