Bouwwerk, geen gebouw zijnde 

Wanneer een bouwwerk geen gebouw is, kan het bouwwerk onder de gebruiksfunctie ‘bouwwerk geen gebouw zijnde’ vallen. De definitie uit het Bbl betreft: ‘bouwwerk of gedeelte daarvan, voor zover dat geen gebouw of onderdeel daarvan is’.  

Voorbeelden van bouwwerken welke geen bouw zijnde betreffen onder andere; bruggen, viaducten, tribunes, magazijnstellingen, steigers, of tunnels. Wanneer een tribune of magazijnstelling in een gebouw staat, heeft dat gebouw wel een gebruiksfunctie (bijvoorbeeld een bijeenkomstfunctie voor het aanschouwen van sport of een industriefunctie) maar de tribune of magazijnstelling kunnen op zichzelf een bouwwerk geen gebouw zijnde zijn.   

Overige gebruiksfuncties vanuit het Bbl zijn: 

Het vaststellen van de juiste gebruiksfunctie is essentieel, gezien het gebruik bepaald welke bouw- en gebruiksvoorschriften vanuit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) van toepassing zijn.